Algemeen
SLOVENSKY KOPOV
Land van herkomst: voormalig Tsjecho-Slowakije
Korte geschiedenis van het ras
De Slovensky Kopov is een zeer oud ras en bovendien de nationale hond van Tsjecho-Slowakije. Het is een drijfhond, die vooral gespecialiseerd is in wilde zwijnen. Hij stamt af van honden uit Hongarije en de Balkanstaten. Het ras werd pas na de Tweede Wereldoorlog officieel erkend. Het is een temperamentvol, volhardend en vrij taai ras. In eigen land is het de meest voorkomende drijfhond, maar daarbuiten komt hij nauwelijks voor.
Rasbeschrijving
De Slovensky Kopov is een nauwelijks middelgrote, rechthoekige hond met een tamelijk licht lichaam.
Hoofd: licht gewelfde schedel, uitgesproken wenkbrauwen, onduidelijke achterhoofdsknobbel. Duidelijke, maar vrij vlakke stop, evenwijdige lijnen tussen neusrug en schedel. Vlakke neusrug, vrij smalle voorsnuit, zwarte neusspiegel, droge lippen met lipplooi.
Ogen: vrij diepliggend, donker, met een levendige en dappere uitdrukking. Amandelvormige oogopeningen en donkere oogranden.
Oren: iets boven de ooglijn aangezet, middelmatig lang, hangen tegen de wangen.
Gebit: goed ontwikkeld en met een compleet aantal tanden.
Hals: vrij kort, krachtig, gespierd en droog.
Lichaam: diepe en lange borstkas, goed gewelfde ribben, middelmatig lange en rechte rug, brede en gespierde lendenpartij, iets aflopende croupe, matig opgetrokken buiklijn.
Ledematen: normale hoekingen in voor- en achterhand. Goede botten en goed bespierde benen en dijen.
Voeten: ovaal, gewelfd, donker en met veerkrachtige voetzolen.
Staart: iets laag aangezet onder de ruglijn, reikt tot de punt van de sprong, wordt in rust hangend gedragen, in actie sabelvormig en hoger.
Vacht: vrij hard, ca 2-5 cm lang, vlak aanliggend met dicht onderhaar.
Kleur: zwart met bruine tot mahoniekleurige aftekeningen.
Schofthoogte: reu 45-50 cm, teef 40-45 cm.
|