Algemeen
SCHILLER STOVARE
Land van herkomst: Zweden
Korte geschiedenis van het ras
De Schillerstovare is een van Zwedens nationale rassen. Het ras is genoemd naar zijn schepper, de landbouwer Per Schiller uit Stenungsund. Dat gebeurde aan het einde van de negentiende eeuw. De achtergrond van het ras is Zweeds-Duits-Zwitsers met een inslag van Harrierbloed uit Engeland. Het ras werd, tamelijk lang voordat de Hamiltonstovare dat werd, geconsolideerd en stabiel. De Schillerstovare is een zeer competente jachthond, in het bijzonder voor haas en vos. Buiten het land van herkomst komt hij nauwelijks voor.
Rasbeschrijving
De Schillerstovare is edel en tamelijk licht en droog, maar sterk en volhardend.
Hoofd: langgerekt, met een duidelijke stop, wigvormig, zonder puntig te zijn. De lijnen van neusrug en bovenschedel zijn evenwijdig. Rechte neusrug, zwarte neusspiegel, droge lippen.
Ogen: dohkerbruin, met een temperamentvolle uitdrukking.
Oren: hoog aangezet, driehoekig, vlak tegen de wang hangend.
Gebit: schaargebit.
Hals: lang, sterk en droog.
Lichaam: kort, krachtige en rechte rug, licht gewelfde lendenen en licht hellende croupe. Matig gewelfde ribben en diepe en lange borstkas. Licht opgetrokken buiklijn.
Ledematen: goede hoeking van schouder en opperarm, voorhand goed van spieren voorzien, rechte en evenwijdige voorbenen, veerkrachtige voormiddenvoeten, goede botten. Rechte en evenwijdige achterbenen, goede hoeking van knie- en spronggewricht. Brede dijen, goed van spieren voorzien, lage sprongen, De achtermiddenvoet staat loodrecht op het grondvlak.
Voeten: vast en sterk, naar voren gericht. Goed ontwikkelde voetzolen.
Staart: aangezet in het verlengde van de ruglijn, wordt sabelvormig gedragen.
Vacht: zacht en dichte ondervacht en krachtig, dicht en vlak liggend dekhaar. De vacht is iets langer op de onderkant van de staart, maar mag geen vlag vormen. Veel haar tussen tenen en voetzolen.
Kleur: nek, rug, bovenste gedeelte van de schouders, zijkanten van de borst, lendenen, croupe en de bovenzijde van de staart moeten zwart zijn. Hoofd, keel, borst, onderste gedeelte van de schouders, voorbenen, achterbenen tot aan het heupgewricht en de onderzijde van de staart moeten bruin zijn. Een kleine witte streep op de borst en een beetje wit op de tenen worden geaccepteerd.
Schofthoogte: ideale hoogte reu 57 cm, teef 53 cm.
|