Algemeen
PETIT BLEU DE GASCOGNE
Land van herkomst: Frankrijk
Korte geschiedenis van het ras
De provincie Gascogne ligt aan de zuidwestkust van Frankrijk, vlak bij de Spaanse grens. Hier leeft een klassiek Frans type honden. Van dit type en van de oude Franse griffons stammen de meeste moderne Franse jachthonderassen af. De Petit Bleu de Gascogne is het kleine broertje van de Grand Bleu de Gascogne. De Petit moet kortere vormen hebben dan zijn grote broer. Zijn hoofd is duidelijk fijner. Door fokwerkzaamheden heeft men het oorspronkelijk ras verkleind en is een hond ontstaan die makkelijk vervoerd kan worden en bovendien erg geschikt is voor de jacht op konijnen en hazen. Buiten het land van herkomst komt het ras amper voor.
Rasbeschrijving
Hoofd: vrij langgerekt en een beetje licht. Droge, niet te brede en iets gewelfde schedel. Weinig uitgesproken stop, enigszins gewelfde neusrug, opgevulde voorsnuit, zwarte neusspiegel en weinig dikke lippen, die echter niet zwaar zijn.
Ogen: kastanjebruine ogen met zwarte oogranden.
Oren: laag aangezet en lang.
Gebit: wordt niet in de rasbeschrijving aangegeven.
Hals: van goede lengte en met een beetje keelhuid.
Lichaam: diepe en lange borstkas met licht geronde ribben, lange en sterke rug, licht gewelfde lendenen, licht opgetrokken buiklijn, diepe flanken.
Ledematen: lange en goed naar achteren liggende schouders, sterke voorbenen met goede botten, goede hoeking van voor- en achterhand. Vlakke maar brede dijen, lage sprongen.
Voeten: ovaal, met zwarte en veerkrachtige voetzolen.
Staart: lang, wordt in sabelvorm gedragen.
Huid: de huid en testikels zijn zwart.
Vacht: vrij grof en dicht en niet te kort.
Kleur: zwarte vlekken op een witte ondergrond, wat een leiblauwe indruk wekt. Aan beide zijden van het hoofd zitten zwarte vlekken, die ook de oren bedekken, wat kenmerkend voor het ras is. Tanaftekening kan voorkomen boven de ogen, op de wangen, de binnenkant van de oren, de ledematen en onder de ledematen.
Schofthoogte: reu 52-60 cm, teef 50-56 cm.
|